Zoeken
  • Alfons Caris

Bisschopsstad Bressanone



Op dit blog staat nog geen enkel verhaal over de regio Trentino-Alto Adige. Dat is eigenlijk raar, want een van de eerste plaatsen die ik in Italië leerde kennen, was Bressanone (Brixen in het Duits), en sindsdien ben ik daar tientallen keren geweest. Vaak om te overnachten op heenreis of terugreis, maar geregeld ook om er dan een paar dagen te blijven.




De eerste kennismaking met Bressanone, dat op zo’n veertig kilometer van de Brennerpas ligt, moet ergens in de tweede helft van de jaren 70 geweest zijn. In mijn herinnering (het was winter, koud en donker) kwam het over als een grimmig stadje met strenge, afstandelijke gebouwen. De restaurants en kroegen leken op herbergen uit de 19e eeuw, met planken vloeren waar zand op gestrooid was. Misschien was dit een romantische fantasie, of is mijn verbeelding met het klimmen der jaren met me op de loop gegaan. Hoe dan ook, Bressanone heb ik in de vele bezoeken daarna snel zien veranderen tot wat het nu is: een sfeervol, levendig en gastvrij stadje.






Volgens de overlevering werd Bressanone gesticht in het jaar 901, op de plek waar de Rienza en de Isarco samenstromen. Vanaf 1004 kwam het bewind over de stad in handen van de prins-bisschoppen van Bressanone, waarna de stad zich vooral ontwikkelde als kerkelijk centrum en middelpunt werd van een groot bisdom. Gedurende de hele Middeleeuwen was bisschopsstadje Bressanone een van de belangrijkste artistieke en culturele centra in het Alpengebied. Sommige machthebbers steeg het naar het hoofd, want in de 15e eeuw was er zelfs een bisschop die zichzelf tot hertog uitriep…





Prins-bisschoppen? Jawel, die figuur was een uitvinding van de Duitse keizers, die op die manier de hogere geestelijke macht in hun gebied wilden losweken van het gezag van Rome, terwijl ze tegelijkertijd de macht van hun traditionele seculiere leenheren (prinsen) wilden beknotten. De oude wereldlijke vorsten erfden titel en bezit van hun vader, maar een prins-bisschop werd benoemd door de keizer. Dit gemanipuleer om de macht, dat de hele Middeleeuwen en ook daarna nog zou voortduren, was een van de grote aanjagers van de zogenaamde investituurstrijd.





Het historisch centrum van Bressanone is niet groot, maar er valt veel te zien en de prachtige oude gebouwen verkeren zo goed als allemaal in perfecte staat. Wie goed kijkt ziet ook veel mooie details, zoals de erkers aan de gevels en de kunstige uithangborden. De meest in het oog springende straatjes zijn de Via Portici Maggiori en de Via Portici Minori, die – zoals de naam al zegt – rijkelijk bedeeld zijn met bogengalerijen. Daaronder vind je een aaneenschakeling van winkels, bars en restaurants. Via beide straten kom je als vanzelf in het hart van de stad, Piazza del Duomo.






Blikvanger op dit plein is de dom, waarvan al een eerste versie gebouwd werd in de 10e eeuw. Een paar eeuwen later werd de kerk uitgebreid en na branden diverse keren herbouwd. Hij staat er nu in de regionale variant van de barokstijl. Ernaast ligt een romaans klooster, met een rondgang waarvan de kruisgewelven voorzien zijn van prachtige oude fresco’s. De schilderingen op de wanden zijn van wat later datum. In het klooster bevindt zich ook een oude kapel en een battistero, beide ook weer met fresco’s gedecoreerd.













Let bij de schilderingen in de rondgang op de verrassende afbeelding van de olifant!



Dit beest komt niet uit de lucht vallen, want in 1551 logeerde er daadwerkelijk een olifant in Bressanone. Zijn komst veroorzaakte een hele sensatie. Het dier was een geschenk van de koning van Portugal voor keizer Maximiliaan II van Habsburg. De herberg waar de olifant Soleiman te gast was (in een stal, niet in een gastenkamer) werd daarna omgedoopt tot Elephant en die naam draagt het huidige hotel vandaag de dag nog. Iedereen die erlangs loop vergaapt zich aan de schildering van Soleiman op de gevel van het hotel. Zoals je ziet is het wel een heel bijzondere olifant...



Parallel aan de dom ligt nog een kerk, de San Michele uit de 11e eeuw. Het interieur van deze kerk heeft helaas een grondige barokspoeling ondergaan; ik hou er niet van, maar er zijn vast liefhebbers. Mooi is dan wel weer de toren, die bekend staat als Torre Bianca.




Niet ver van het Domplein ligt het Bisschoppelijk Paleis (Hofburg), de voormalige residentie van de bisschoppen van Bressanone. Het is een opmerkelijk gebouw dat deels in barokstijl is uitgevoerd, terwijl de zijvleugels van de grote binnenhof met hun loggia’s de renaissance uitademen. Let ook op de 44 op de gevels aangebrachte beelden van Habsburgers, met wie de heren bisschoppen kennelijk op goede voet stonden. Het paleis herbergt tegenwoordig het Museo Diocesano, dat absoluut een bezoek waard is, alleen al om de fantastische collectie religieuze houten sculpturen en crucifixen uit de Middeleeuwen en later tijd. Ook vind je er een permanente expositie van kerststallen, een van de meest bezienswaardige van Europa.







Bij de Ponte Aquila vind je een beeld van Nepomuk van Praag, patroonheilige van de bruggen en beschermheilige tegen overstromingen. Geen wonder dat hij hier een plaats toegewezen kreeg, gezien de eeuwenlange strijd die de stad heeft moeten voeren tegen het enorme geweld dat de twee rivieren kunnen veroorzaken.




In 1048 werd een bisschop van Bressanone, een zekere Poppo, tot paus gekozen: Damasus II. Helaas heeft de stad weinig reden om daar trots op terug te kijken. Poppo werd ‘voorgedragen’ door keizer Hendrik III en door een leger naar Rome gebracht om daar op keizerlijk bevel op de troon te worden gezet. De zittende paus werd de stad uitgejaagd. Het pontificaat van Damasus duurde effectief slechts een paar weken en volgens sommige bronnen werd hij vergiftigd. Dat waren nog eens tijden.







Een bezoek aan Bressanone is niet compleet zonder een uitstapje naar de enkele kilometers buiten de stad gelegen Abbazia di Novacella (Neustift). Dit in 1142 gestichte klooster, een belangrijke pleisterplaats voor pelgrims op weg naar Rome en het Heilig Land, werd in de eeuwen erna voortdurend verbouwd en uitgebreid, met als resultaat dat je er nu gebouwen in allerlei stijlen en uit diverse periodes aantreft. Toch maakt het geheel een wonderbaarlijk harmonieuze indruk. De abdij ligt als een juweel ingebed in het schitterende groene, door bergen omgeven landschap.








Interessante bezienswaardigheden zijn de Put der Wonderen, waar een soort tempeltje overheen gebouwd is dat de zeven wereldwonderen eert, en het Castello dell’Angelo. Ondanks zijn naam en zijn uiterlijke vorm is dit geen kasteel, maar een kapel gewijd aan de heilige Michael.










Je kunt de abdij ook binnen bezoeken en je dan onder meer vergapen aan de enorme bibliotheek, die zo’n 65.000 boeken herbergt, waaronder kostbare manuscripten met miniaturen. Er zijn ook rondleidingen en wijnproeverijen in de cantine. De abdij heeft eigen wijngaarden en produceert vooral witte wijnen, zoals pinot grigio, sylvaner, riesling en gewürztraminer. Je kunt die hier ook kopen in de kloosterwinkel.




Voor de innerlijke mens is een verblijf in Bressanone bepaald geen straf. Er zijn wijnlokalen, veel hotels hebben een prima keuken en daarnaast zijn er de nodige goede restaurants. Het betere werk vind je onder andere bij Fink in de Via Portici Minori) en bij Oste Scuro/Finsterwirt (een prachtig historisch gebouw) in de Vicolo del Duomo. Als je het wat informeler wil zijn Grappolo d’Oro/Traubenwirt (Via Portici Minori) en Kutscherhof (Via Vescovado) prima adressen. Buon divertimento!



Fotocredits:

foto 52: Hotel Elephant

foto 73: Burkhard-Mucke, Wikimedia

overige foto's: eigen werk

132 weergaven2 opmerkingen

Recente blogposts

Alles weergeven